Herkomst uit Duitsland

De hoofdmoot van het onderzoek naar de herkomstgeschiedenis van de werken uit de NK-collectie is gericht op de vraag of ze tijdens de Duitse bezetting uit Nederland zijn geroofd of onvrijwillig zijn verkocht. Maar er moet ook rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat een kunstwerk van joodse eigenaren in Duitsland afhandig is gemaakt. Al vanaf 1933, onder het nazi-regime in Duitsland, kochten Nederlandse kunsthandelaren en verzamelaars daar in op de gedwongen veilingen van joods bezit. Zo werden reeds besmette stukken naar Nederland gebracht. Bovendien zijn er tijdens de Duitse bezetting schilderijen uit Duits bezit, in het bijzonder uit de collectie van Hermann Göring, verkocht aan of geruild met in Nederland gevestigde handelaren. Zij verkochten de stukken op hun beurt weer aan Duitsers. Van kunstwerken waarvan duidelijk is dat ze in de jaren 1940-1945 uitsluitend op vrijwillige basis zijn verhandeld, kunnen wij ons afvragen of ze niet in de voorafgaande periode als roofgoed van eigenaar zijn gewisseld.

afbeelding
Het anonieme schilderij van omstreeks 1600, vroeger aan David Vinckboons toegeschreven, is afkomstig uit de verzameling van Hermann Göring. Het werd na de oorlog naar Nederland teruggezonden, omdat aangenomen werd dat de rijksveldmaarschalk het stuk in de oorlog had gekocht bij de Amsterdamse kunsthandel Delaunoy. Onderzoek leerde dat dit onjuist is. Göring verwierf het schilderij al in mei 1939 op een veiling in Keulen. Het is niet bekend wie het schilderij op deze veiling had ingebracht. Nu kan niet meer worden vastgesteld of het afkomstig is van vrijwillige of onvrijwillige verkoop. Wel is duidelijk dat de recuperatie naar Nederland onterecht is geweest.